Wat is de wet van 4 augustus 1996?

De wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk vormt de basis van de volledige Belgische wetgeving inzake veiligheid en gezondheid op het werk. Deze wet heeft tot doel werknemers te beschermen en risico’s te voorkomen, en is een omzetting van de Europese kaderrichtlijn 89/391/EEG in Belgisch recht. Ze is van toepassing op alle werknemers bij de uitoefening van hun werk en verplicht werkgevers om deze preventielogica te integreren in hun dagelijks beheer.

De wet steunt op de inzet van bevoegde diensten (interne en/of externe diensten voor preventie en bescherming op het werk) en op de actieve deelname van werknemers, om zo een gezonde, veilige en respectvolle werkomgeving te garanderen.

In 2017 werd de Codex over het welzijn op het werk ingevoerd om de bestaande reglementaire teksten te bundelen en beter te structureren. Het doel was om de regelgeving duidelijker en toegankelijker te maken, zonder de inhoud ervan te wijzigen. Deze stap betekende een belangrijke vereenvoudiging voor zowel werkgevers als werknemers.

Grondbeginsel

De wet is gebaseerd op één centraal principe: welzijn op het werk wordt opgebouwd vóór problemen zich voordoen. In plaats van enkel op te treden na een arbeidsongeval, beroepsziekte of een situatie van onwelzijn, verplicht deze wet tot een preventieve, gestructureerde en permanente aanpak.

Het kerninstrument van deze regelgeving is het dynamisch risicobeheersingssysteem. De werkgever moet het welzijn van de werknemers waarborgen door alle nodige maatregelen te nemen om risico’s te voorkomen. Dit houdt onder meer in dat de werkgever:

  • de risico’s verbonden aan het werk in de onderneming identificeert, analyseert en regelmatig opnieuw evalueert;
  • aangepaste preventie‑ en beschermingsmaatregelen invoert in functie van de activiteiten (technische en organisatorische maatregelen, middelen, procedures, enz.);
  • deze preventiemaatregelen vastlegt in een globaal preventieplan en een jaarlijks actieplan;
  • de werknemers informeert en opleidt over de risico’s en de preventiemaatregelen, met opleidingen die regelmatig worden herhaald en aangepast zijn aan de meest recente evoluties ter zake;
  • zich omringt met gespecialiseerde deskundigen, onder meer via de interne en/of externe diensten voor preventie en bescherming op het werk;
  • het welzijn in al zijn aspecten bevordert: veiligheid, gezondheid, ergonomie, hygiëne, psychosociale aspecten, …

Dit dynamisch systeem moet rekening houden met de aard van de activiteiten, de specifieke risico’s die eraan verbonden zijn en de bijzondere risico’s voor bepaalde groepen werknemers.

Een belangrijke rol wordt toegekend aan het Comité voor preventie en bescherming op het werk (CPBW). De deelname van werknemers aan kwesties die betrekking hebben op het welzijn van werknemers is ook geregeld door de wet van 4 augustus 1996, via dit CPBW).

De Domeinen van welzijn op het werk

Tegenwoordig bestaat welzijn op het werk vooral rondom vijf gebieden, die deel moeten uitmaken van elk preventiebeleid.

1. Arbeidsveiligheid

Arbeidsveiligheid heeft als doel arbeidsrisico’s – en in het bijzonder het ongevalrisico – te voorkomen door gevaren te evalueren en aangepaste beschermingsmaatregelen te treffen. Het uiteindelijke doel is om gevaren te elimineren of te beperken, zodat het werk kan worden uitgevoerd zonder onmiddellijk risico voor de fysieke integriteit van de werknemers.

Werkgevers zijn verplicht werknemers te informeren en op te leiden inzake veiligheid. Werknemers moeten op hun beurt de arbeidsmiddelen correct gebruiken, de instructies naleven en gevaarlijke situaties melden.

2. Bescherming van de gezondheid

De bescherming van de gezondheid van werknemers is gericht op het voorkomen van beroepsziekten en van risico’s die de fysieke- of mentale gezondheid kunnen aantasten. De wet verplicht elk bedrijf tot het organiseren van een aangepast gezondheidstoezicht via de diensten voor preventie en bescherming op het werk en tot het nemen van preventiemaatregelen om de gezondheid te vrijwaren, onder meer met betrekking tot psychosociale risico’s.

Ook werknemers hebben de plicht om zich verantwoordelijk te gedragen, zodat zij hun eigen gezondheid en die van hun collega’s niet in gevaar brengen. Dit domein legt sterk de nadruk op preventie, gezondheidstoezicht en de vroegtijdige opsporing van werkgerelateerde problemen.

3. Psychosociale aspecten

Psychosociale risico’s op het werk omvatten beroepsrisico’s die zowel de mentale als de fysieke gezondheid van werknemers aantasten en die bovendien een impact hebben op het goed functioneren en de prestaties van ondernemingen, evenals op de veiligheid.

Stress, pesterijen, burn-out, conflicten, zelfdoding en alcohol‑ of drugsmisbruik behoren tot de meest voorkomende risico’s.

De werkgever moet specifieke maatregelen voorzien om werknemers te beschermen tegen geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag op het werk, onder meer via interne procedures en gerichte preventiemaatregelen. De oorzaak van deze risico’s ligt vaak in de organisatie, bij de inhoud van het werk, de arbeidsomstandigheden, de leefomstandigheden op het werk en de interpersoonlijke relaties.

Ontdek meer over het onderwerp Psychosociale risico's (PSR).

4. Ergonomie

De doelstelling van ergonomie is om het werk aan te passen aan de mens, onder meer door een geschikte inrichting van de werkposten. Zo worden fysieke belastingen beperkt en musculoskeletale aandoeningen voorkomen. Dit gebeurt via aanpassing(en) van arbeidsmiddelen, werkorganisatie en materiële omstandigheden, met als doel om een gezondere werkomgeving te garanderen.

Ontdek meer over het onderwerp Ergonomie.

5. Arbeidshygiëne  

Arbeidshygiëne omvat omgevingsfactoren die een invloed kunnen hebben op de gezondheid van werknemers. Het behandelt in het bijzonder: luchtkwaliteit, stof, chemische stoffen, biologische agentia, netheid en hygiënische omstandigheden.

Meer informatie vind je in ons thema over Arbeidsplaatsen en op de website van de FOD Werkgelegenheid, in het thema Arbeidsplaatsen.