Vermijd reflecties

Reflecties zijn spiegelingen in het scherm of een verminderde beeldkwaliteit bij invallend licht. Bij spiegelende schermen zijn ze heel goed zichtbaar en dus hinderlijker dan bij matte schermen.

Reflecties ontstaan door licht dat op het scherm valt, afkomstig van de zon, fel verlichte oppervlakken zoals ramen en lichte muren, spiegelingen van slecht afgeschermde armaturen, spots, blinkende voorwerpen,... Omdat de beeldschermwerker toch wil/moet lezen wat op het scherm staat, zal hij meer kijkinspanning leveren wat tot een verhoogde oogvermoeidheid kan leiden.

Hou dus rekening met volgende zaken bij het plaatsen van een werkpost met beeldscherm in een ruimte:

  • het scherm moet dwars op het raam staan (de kijkrichting is dan evenwijdig met het raam) zodat het licht van het raam niet in het scherm spiegelt;
  • het scherm mag niet te dicht bij het raam staan, zeker niet aan de zuidkant;
  • er mogen zich geen hinderlijke lichtbronnen (ook reflecterende) achter de persoon bevinden;
  • zonwering is enkel bedoeld voor tijdelijk gebruik om bijvoorbeeld gedurende  een korte periode reflecties te vermijden.

Vermijd te grote contrasten

De pupillen van de ogen passen zich voortdurend aan aan de sterkte van het omgevingslicht. Wanneer een lichtgevend scherm geplaatst wordt tegen een donkere achtergrond, passen de pupillen zich voortdurend aan. Dit leidt op lange termijn tot oogvermoeidheid. Om al te grote contrasten te vermijden:

  • plaats het scherm niet voor een raam. Buitenlicht is doorgaans veel sterker dan binnenlicht;
  • plaats het scherm dwars op het raam;
  • zonwering is slechts een tijdelijke oplossing om bv. schuin invallend licht te weren;
  • hou het contrast tussen scherm en meubilair, apparatuur, akoestische wanden,… zo klein mogelijk (bijvoorbeeld geen zwart meubilair).

Zorg voor voldoende dieptezicht

Ogen stellen zich voortdurend scherp op het voorwerp waar ze naar kijken. Bij beeldschermwerk is dat het scherm en eventueel een document en het toetsenbord. Het scherp stellen gebeurt aan de hand van de spiertjes in de ogen die de ooglens doen bewegen. Indien er geen afwisseling is in de kijkafstand, ondergaan de ogen een statische spierbelasting die op lange termijn tot oogvermoeidheid kan leiden.

Het is dan ook heel belangrijk om achter het scherm voldoende diepte te creëren zodat de beeldschermwerker zijn ogen eens op een voorwerp op een verdere afstand kan focussen. Algemeen wordt gesteld dat de afstand van het scherm tot de achterliggende muur minimaal twee meter moet bedragen. Bedenk ook dat schermen naast en/of op elkaar het dieptezicht fel beperken.

Zorg voor een sociale opstelling

De meeste mensen voelen zich ongemakkelijk wanneer ze met hun rug naar collega’s, deuren, open ruimten of doorgangen zitten. Ze voelen de ogen in hun rug. Dit kan zorgen voor een onrustig werkklimaat en een verhoging van de stress. In het slechtste geval leidt het ook tot slechte zithoudingen.

Dezelfde gevolgen kunnen zich voordoen bij een slechte territoriumverdeling. Een opstelling dicht bij een deur of een doorgang zonder afscherming door de tafel, een kast, een scherm of een plant, geeft een onprettig gevoel. Men voelt zich ‘onbeschermd’ tegenover plotse bezoekers.

Een goede sociale opstelling kan men bekomen door:

  • een goed visueel contact te behouden met collega’s en de omgeving. Zet dus geen afscherming met hoge panelen of kasten;
  • voldoende territorium te voorzien door de werktafel enigszins af te schermen van de doorgangen.
  • Ergonomie - Publicaties

    Déparis methode (FOD Werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg)

    De Deparis-gidsen (SOBANE) maken het mogelijk om het geheel van een arbeidssituatie op een participatieve manier te benaderen, op basis van de reële arbeidsactiviteit, teneinde acties te bepalen waardoor de arbeidsomstandigheden kunnen worden verbeterd. Het gaat om instrumenten die het mogelijk maken om een ergonomische aanpak in te voeren.

    Op de site Sobane.be: de Deparis-gidsen

  • Ergonomie - Regelgeving

    Ergonomie op het werk en preventie van MSA

    Volgens de welzijnswet is de werkgever verplicht het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk te bevorderen (Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk (PDF, 554 KB)).

    Als algemene richtlijn geldt dat de werkgever een preventiebeleid moet ontwikkelen dat rekening houdt met ergonomie op alle domeinen van het welzijn op het werk. De codex over het welzijn op het werk definieert ergonomie op het werk dan ook als de aanpak die erop gericht is om het werk (zowel de werkpost als de werkomgeving), aan te passen aan de mens, rekening houdend met diens fysieke, mentale, psychische en sociale kenmerken (bv. leeftijd, fysieke en mentale gezondheidstoestand, …). Deze aanpak moet toegepast worden op alle domeinen van welzijn op het werk (art. I.1-4, 31° van de codex).

    Daarvoor kan de werkgever zich uiteraard laten bijstaan door de interne preventieadviseur, maar ook door de gespecialiseerde preventieadviseur-ergonoom die beantwoordt aan de voorwaarden bedoeld in artikel II.3-30, §1, 3° van de codex in verband met het basisdiploma, de gespecialiseerde aanvullende vorming en de vereiste nuttige praktische ervaring als preventieadviseur-ergonoom.

    Boek VIII van de codex legt het algemene kader vast voor ergonomie op het werk en de preventie van MSA (in titel 1), en bevat daarnaast bijzondere regels ter preventie van MSA die verband houden met bepaalde activiteiten, zoals werken met beeldschermen (in titel 2), manueel hanteren van lasten (in titel 3) en werk- en/of rustzitplaatsen bij staand werk (in titel 4).

    Er zijn verschillende algemene verplichtingen op het gebied van ergonomie en de preventie van MSA. De werkgever moet:

    • Vanaf het ontwerp van de werkposten rekening houden met ergonomie en ervoor zorgen dat het werk is aangepast aan de fysieke mogelijkheden van de werknemers en dat overmatige werkgerelateerde (fysieke of mentale) vermoeidheid wordt voorkomen (art. VIII.1-1, §1er van de codex ).
    • Een analyse uitvoeren van de musculoskeletale risico’s op het werk (art. VIII.1-1, §2 van de codex ) en op basis van deze risicoanalyse passende preventiemaatregelen nemen om musculoskeletale risico’s op het werk te voorkomen (art. VIII.1-3, §1er van de codex ). De resultaten van de risicoanalyse en de preventiemaatregelen moeten worden opgenomen in het globaal preventieplan en eventueel ook in het jaaractieplan (art. VIII.1-4 van de codex) .
    • De werknemers informeren en opleiden over ergonomie op het werk en de preventie van musculoskeletale aandoeningen (art. VIII.1-5 van de codex ).

    De Codex over het Welzijn op het Werk bevat ook onder meer delen over trillingen, het manueel hanteren van lasten, arbeidsmiddelen, beeldschermwerk, werkzitplaatsen en rustzitplaatsen.

    Een uitgebreide toelichting over deze wetgeving is beschikbaar op de website van de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg:

    Nieuwe wetgeving rond ergonomie en de preventie van MSA (2024)

    Op 27 mei 2024 organiseerde de Algemene Directie Humanisering van de Arbeid (AD HUA) van de FOD Werkgelegenheid een webinar naar aanleiding van de nieuwe wetgeving rond ergonomie en musculoskeletale aandoeningen (MSA), die op 25 mei 2024 in werking trad.

    Bekijk de video van het webinar op het YouTube-kanaal van de FOD Werkgelegenheid:

    Deze video wordt beheerd op een externe site (YouTube). U moet de cookies van deze bron accepteren om de video te bekijken.

    U kan de video ook bekijken op dit adres: https://youtu.be/OhsZUvrjOGs

    Europese normen

    In verschillende Europese normen komen aspecten m.b.t. fysieke belasting aan bod. Enkele voorbeelden van dergelijke normen zijn: 
    De norm ISO 11228 ‘Ergonomics - Manual Handling’ geeft richtlijnen voor het manueel hanteren van lasten. Elk van de drie delen van de norm behandelt een specifiek aspect: 'tillen en dragen' (deel 1 - 2003), ‘duwen en trekken’ (deel 2 - 2007) en ‘hanteren van lichte lasten aan een hoge frequentie’ (deel 3 - 2007).
    Andere interessante normen zijn:

    • EN 547  Veiligheid van machines - menselijke lichaamsafmetingen
    • EN 614  Veiligheid van machines - ergonomische ontwerpprincipes
    • EN 894  Veiligheid van machines - ergonomische eisen voor het ontwerpen van informatie- en bedieningsmiddelen
    • EN 29241  Ergonomische eisen voor kantoorwerk met terminals met beeldschermen (Video Display Terminals)

    In de praktijk toetsen experten in de ergonomie de werksituaties aan deze normen. Toch vormen ze ook voor niet specialisten vaak een interessante bron van informatie met eenvoudige checklists. 

  • Parlementaire vragen

  • 56000876C Kamer - Werkbaar werk en het respecteren van een manueel te hanteren maximumgewicht

  • 21608 Kamer - Het maximum toegelaten gewicht dat door arbeiders mag worden getild

  • Ergonomie - Tools

    Van analyse naar oplossing, een stappenplan voor concept-ergonomie

    Dit instrument helpt u om de ergonomische benadering te organiseren en in etappes te plannen door te beginnen met een analyse van de taken en van de arbeidsorganisatie.

    De tool: Van analyse naar oplossing, een stappenplan voor concept-ergonomie

    Knelpunten detecteren: checklist

    Aan de hand van vragen helpt dit instrument u om de risico's op te sporen die zich in de praktijk kunnen voordoen. Elk positief antwoord vertaalt een potentieel risico voor de arbeidsorganisatie.

    De tool: Knelpunten detecteren: checklist