De codex over het welzijn op het werk specifieert dat de risicoanalyse achtereenvolgens bestaat uit:

  • het identificeren van gevaren voor het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk;
  • het vaststellen en nader bepalen van risico’s voor het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk;
  • het evalueren van risico’s voor het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk.

In het kader van deze risicoanalyse zijn werkgevers verplicht om voor alle werkzaamheden waarbij blootstelling aan biologische agentia kan optreden, de aard, mate en duur van de blootstelling van werknemers te bepalen. Dit is nodig om elk gezondheids- of veiligheidsrisico te kunnen beoordelen, te bepalen welke maatregelen moeten worden genomen en te identificeren welke werknemers speciale beschermingsmaatregelen en gezondheidstoezicht nodig kunnen hebben. Voor werkzaamheden die blootstelling aan verschillende groepen biologische agentia met zich meebrengen, moet het risico worden beoordeeld op basis van het gevaar dat alle aanwezige biologische agentia opleveren. De frequentie van de beoordeling voor werkzaamheden die blootstelling aan biologische agentia met zich meebrengen, moet worden vastgesteld op basis van de aard van de verkregen resultaten.

De risicoanalyse wordt verricht op basis van alle beschikbare informatie, met inbegrip van de:

kennis van een ziekte waaraan een werknemer blijkt te lijden en die rechtstreeks met zijn werk verband houdt (zie deel Kwetsbare groepen van werknemers ).

  • Parlementaire vragen

  • 2820/1-7 Kamer - Wetsontwerp betreffende de verbetering van de binnenluchtkwaliteit in gesloten plaatsen die publiek toegankelijk zijn

  • 872 Kamer - Kwaliteit van de werkomgeving in het politiekantoor te Montigny-sur-Sambre

  • Kamer – Actualiteitsdebat op 8 mei 2020 over de coronaviruscrisis - Het toezicht op de naleving van de maatregelen door de bedrijven

  • Kamer – Actualiteitsdebat op 8 mei 2020 over de coronaviruscrisis - Parlementaire vragen over de generieke gids tegen de verspreiding van COVID-19 op het werk

  • Kamer – Actualiteitsdebat op 8 mei 2020 over de coronaviruscrisis - De categorisering van COVID-19 in de lijst van biologische agentia

  • Kamer – actualiteitsdebat op 8 april 2020 over de coronaviruscrisis en de impact op de werkgelegenheid

  • 22885, 22905, 23792 Kamer - Longziekten bij schoonmaakpersoneel

  • 20579 en 20580 Kamer - Het abnormaal hoge aantal zieken bij Clarebout Potatoes

  • Richtlijn biologische agentia en welzijn op het werk in centra met opvang van wilde dieren (FOD Werkgelegenheid – België – 2025)

    De opvang van wilde dieren brengt specifieke uitdagingen met zich mee voor het welzijn en de veiligheid van werknemers. Bij contact met vogels of andere dieren kan blootstelling aan biologische agentia optreden, waaronder zorgwekkende zoönosen zoals het vogelgriepvirus. Om werknemers te beschermen en risico’s te beheersen stelt de FOD Werkgelegenheid deze richtlijn ter beschikking.

    De richtlijn biedt een duidelijk kader voor risicoanalyse en preventiemaatregelen bij blootstelling aan biologische agentia. Ze geeft praktische handvatten voor opvangcentra, met aandacht voor intake en triage, technische voorzieningen en organisatorische maatregelen en persoonlijke beschermingsmaatregelen.

    Met deze richtlijn ondersteunt de FOD Werkgelegenheid opvangcentra en andere betrokkenen bij het uitwerken van een veilig en doeltreffend welzijnsbeleid. Dit gebeurt steeds in lijn met de bevoegdheden van de toezichthoudende inspectiediensten, die de autonomie behouden om concrete situaties te beoordelen en waar nodig in te grijpen. Het doel is een veilige werkomgeving waarin risico’s systematisch worden voorkomen of tot een zo laag mogelijk niveau worden teruggebracht.

    Download de Richtlijn biologische agentia en welzijn op het werk in centra met opvang van wilde dieren (PDF, 611 KB).