Werknemers krijgen steeds vaker te maken met hoge temperaturen en zelfs extreme hitte, en dit niet enkel in de gekende sectoren als de bouwsector, maar ook andere werkplekken waar verkoeling niet of onvoldoende mogelijk is. Denk bijvoorbeeld aan industriële productiebedrijven of slecht geïsoleerde klassen in het onderwijs.

We herinneren u graag nog eens aan de belangrijkste beschermingsmaatregelen bij hitte, die men kan vinden in de codex over het welzijn op het werk, het KB van 25 januari 2001 betreffende de tijdelijke of mobiele bouwplaatsen en in de collectieve arbeidsovereenkomsten (CAO).

1. Toegang tot drinkwater en andere verfrissende dranken

De werkgever moet rekening houden met volgende zaken:

  • voldoende drinkwater voorzien;
  • het drinkwater moet gemakkelijk bereikbaar zijn voor werknemers;
  • in bepaalde omstandigheden (bv. warmte, zwaar werk) moet de werkgever aanvullende dranken voorzien.

Wat zegt de regelgeving?

2. Technische en organisatorische maatregelen om tegen warmte en zonnestraling te beschermen

De werkgever is verplicht om de blootstelling aan hitte zo veel als mogelijk te voorkomen of tot een minimum te beperken. Hij treedt hierbij proactief en gestructureerd op:

  • Collectieve en technische maatregelen, gericht op het aanpassen van de omgeving zelf:
    • de temperatuur terugbrengen tot een aanvaardbaar niveau;
    • de luchtvochtigheid onder controle houden;
    • de kwaliteit van de ventilatie in de gaten houden;
    • rechtstreeks contact met de zon zoveel mogelijk vermijden en werkplekken zo inrichten dat directe blootstelling aan zon wordt beperkt;
    • voorbeelden:
      • beschutting voorzien (schaduw, afdak, tenten, schermen, …),
      • ventilatie of luchtverversing,
      • afzuigen van warme of vochtige lucht,
      • reflecterende schermen,
      • bevochtigers of ontvochtigers plaatsen.
         
  •   Organisatorische maatregelen , gericht op de werkorganisatie:
    • verminderen van fysieke belasting (aanpassen werkmethodes, hulpmiddelen);
    • invoeren van alternatieve werkmethoden om blootstelling te beperken;
    • beperken van duur en intensiteit van blootstelling;
    • aanpassen van werkroosters: werk uitvoeren op koelere momenten van de dag;
    • voorzien van afwisseling tussen werk- en rustmomenten (eventueel in rustlokalen);
       
  • Persoonlijke beschermingsmiddelen : ter beschikking stellen van aangepaste werkkledij (bedekkend, licht) en hoofdbescherming (pet, helm met nekbescherming, …)

 Voor tijdelijke en mobiele bouwplaatsen wordt bijzondere aandacht besteed aan:

  • het voldoende afschermen van de werkplekken op de bouwplaats;
  • de mogelijkheid om zich regelmatig terug te kunnen trekken in een beschermde ruimte om te rusten;
  • gepaste persoonlijke beschermingsmiddelen.

Wat zegt de regelgeving?

Boek V, artikel 1-4 van de codex (PDF, 169 KB) over thermische omgevingsfactoren stipuleert dat, wanneer de WBGT-index voor warmtebelasting wegens technologische of klimatologische redenen de actiewaarden bedoeld in artikel V.1-3 kunnen overschrijden, de werkgever een risicoanalyse uitvoert en op basis hiervan de nodige technische en organisatorische maatregelen neemt om de blootstelling aan warmte en de daaruit voortvloeiende risico’s te voorkomen of tot een minimum te beperken. Artikel 1-12 va hetzelfde boek behandelt specifiek de bescherming van werknemers tegen zonnestraling.

Voor werknemers die tewerk worden gesteld op tijdelijke en mobiele bouwplaatsen gelden gelijkaardige regels. Zo stelt, in navolging van artikel 50 van het koninklijk besluit van 25 januari 2001 betreffende de tijdelijke of mobiele bouwplaatsen (PDF, 450 KB), bijlage III, deel B, afdeling II van dat KB dat deze werknemers moeten beschermd worden tegen ongunstige weersomstandigheden die hun veiligheid en gezondheid in gevaar kunnen brengen.

3. CAO in de bouwsector: aanpassing van de arbeidstijd

De kern van de CAO van 22 december 2005 over de arbeidsorganisatie (PC voor het Bouwbedrijf) (PDF, 310 KB) vertaalt de algemene welzijnsregels naar concrete afspraken over arbeidsorganisatie tijdens hitteperiodes in de bouwsector. De rode draad is dat het werk zo moet worden georganiseerd dat blootstelling aan warmte maximaal wordt beperkt, met voorrang voor organisatorische maatregelen.

Aanpassing van arbeidstijd en werkorganisatie

De CAO voorziet dat werkgevers bij hitteperiodes:

  • werkuren kunnen verschuiven (vroeger starten, bijvoorbeeld om 6u beginnen, later stoppen, werken buiten de warmste uren): zie artikel 55 van de CAO;
  • flexibele uurroosters kunnen invoeren;
  • indien nodig: arbeidsduur tijdelijk verminderen of onderbreken.

Beperking van blootstelling

  • de duur en intensiteit van blootstelling verminderen;
  • zwaar werk tijdens piekhitte beperken;
  • indien nodig taken herverdelen of uitstellen.

4. Relevante informatiebronnen

U vindt meer praktische informatie op volgende websites:

Volgend BeSWIC-bericht geeft meer algemene en beknopte informatie over de te treffen maatregelen bij warm weer op het werk:  Zomerhitte op het werk .